
Reflecteren op communicatie in het klantgesprek
Inzicht in groepsdynamica helpt financieel professionals om communicatie en besluitvorming in klantgesprekken effectief te sturen. Ontdek hoe de Roos van Leary gedrag, interactie en leiderschap binnen groepen verklaart.
Groepsdynamica
Leiderschap binnen groepen gaat over het nemen van beslissingen en het beïnvloeden, motiveren en begeleiden van mensen binnen een sociale omgeving. Een effectieve leider begrijpt de dynamiek van de groep waarin hij of zij opereert.
Ook in het geval van een klantgesprek met een financieel professional is er sprake van een groep(je). Een goede financieel professional weet daarom hoe verschillende persoonlijkheden, relaties en onderlinge afhankelijkheden de samenwerking en de uitkomsten beïnvloeden.
De wetenschap van groepsdynamica onderzoekt precies deze interacties binnen groepen. Inclusief hoe groepen zich vormen, evolueren, omgaan met conflicten en beslissingen nemen. Het bestudeert factoren zoals rolverdeling, groepscohesie, communicatiepatronen en de invloed van het individuele gedrag op de groepsprocessen. Dit inzicht kan financieel professionals helpen om hun strategieën aan te passen en een positieve, productieve groepsomgeving voor het klantcontact te creëren.
Intermenselijk gedrag
Een belangrijk model om leiderschap in groepen te leren is de zogenoemde Roos van Leary. Dit is een model van communicatie, ontwikkeld door de psychologisch onderzoeker Timothy Leary.
Vier dimensies

Het model van Leary beschrijft het intermenselijke gedrag aan de hand van vier dimensies van communicatie. Dit zijn:
- Bovengedrag (leiden): dit gedrag omvat actief, initiërend, beïnvloedend en beheersend gedrag. Mensen die bovengedrag vertonen nemen vaak het voortouw, organiseren en zijn proactief. Ze zijn leiders en hebben de neiging om anderen te sturen.
- Ondergedrag (volgen): ondergedrag omvat passief, afhankelijk, onderdanig en conformerend gedrag. Mensen met ondergedrag zijn meegaand, volgen anderen en stemmen in met wat er gebeurt. Ze zijn volgers en hebben de neiging om anderen te gehoorzamen.
- Samengedrag (nabijheid): samengedrag omvat meewerken, samenwerken, steunen, aanmoedigen en helpen. Mensen met samengedrag werken goed samen met anderen, bieden ondersteuning en moedigen aan. Ze zijn gericht op harmonie en samenwerking.
- Tegengedrag (afstand): tegengedrag omvat kritisch zijn, afkeren, confronteren, aan de bel trekken en uitdagen. Mensen met tegengedrag zijn vaak kritisch, stellen vragen en dagen anderen uit. Ze zijn gericht op het benoemen van problemen en het aankaarten van zaken.
Communicatie in het midden van de roos
Evenwichtige communicatie vindt zoveel mogelijk plaats in de middencirkel van de roos, aldus Leary. De Roos van Leary is nadrukkelijk niet bedoeld om mensen in hokjes te plaatsen, Het is belangrijk om te begrijpen dat iedereen elk type gedrag kan vertonen, al naar gelang de context waarbinnen de communicatie op dat moment plaatsvindt. Afhankelijk van iemands persoonlijkheid heeft iedereen daarin wel één of meerdere gedragsvoorkeursstijlen.
De grote kunst is om op het juiste moment bewust de juiste gedragsstijl in te zetten. Veel mensen reageren onbewust van hun eigen gedragsstijl en het effect daarvan op de ander. Als je weet welk natuurlijk actie-reactiepatroon plaatsvindt in de communicatie tussen mensen dan kun je dit bewust gaan sturen met behulp van de inzichten uit de Roos van Leary. Dit vraagt om veel oefening en zelfreflectie in de praktijk.
Dynamisch en interactief
Iedereen heeft zijn eigen gedragsvoorkeursstijl. Tijdens de omgang met elkaar zullen gespreksdeelnemers doorlopend hun gedragsstijl aanpassen, afhankelijk van het gedrag van de ander. Dit gaat vaak zo snel dat tijdens de communicatie niet precies te analyseren valt welke stijl werd ingezet en met welke stijl erop werd gereageerd.
Start met achteraf reflecteren
Als je net begint met de De Roos van Leary dan is het handig om hiermee achteraf te reflecteren. Bedenk jezelf dan waarom de communicatie niet wilde vlotten en welke reactie tot een beter resultaat had geleid.
Als je dit regelmatig doet dan zul je merken dat je ook tijdens het plaatsvinden van de communicatie sneller in de gaten hebt waarom het niet naar wens verloopt. En ook hoe jij effectief jouw gedragsstijl kunt aanpassen zodat de ander zich gaat gedragen zoals jij dat als groepsleider wenst.
Reflectie oefening
Neem een recent klantgesprek in gedachten en reflecteer op het verloop ervan. Beantwoord de volgende vragen in je reflectie:
Vraag 1. Wat ging er goed en wat ging er minder goed?
Denk terug aan het klantgesprek en noteer specifieke momenten die succesvol waren of waarin je uitdagingen tegenkwam. Wat waren de omstandigheden en jouw aanpak in beide situaties?
Vraag 2. Welke positie op de Roos van Leary nam je in tijdens dit klantgesprek?
Analyseer je houding en communicatiestijl tijdens het gesprek met behulp van de Roos van Leary. Was je bijvoorbeeld leidend (boven-samen), ondersteunend (onder-samen), aanvallend (boven-tegen) of teruggetrokken (onder-tegen)? Beschrijf hoe je deze positie innam.
Vraag 3. Was deze positie effectief?
Evalueer of de gekozen communicatiestijl leidde tot het gewenste resultaat. Heeft de klant zich begrepen en geholpen gevoeld? Of ontstonden er misverstanden of weerstand?
Vraag 4. Wat was het resultaat van het gesprek?
Beschrijf de uitkomst van het gesprek. Werd het doel bereikt? Was de klant tevreden? Wat heb je geleerd over je aanpak en de impact hiervan op het gesprek?
Vraag 5. Was er een betere optie en zo ja, wat?
Overweeg of er een positie op de Roos van Leary was die beter had kunnen werken in de situatie. Had een andere aanpak een positief effect kunnen hebben? Wat zou je anders doen in een vergelijkbare situatie in de toekomst?
Feedback op jouw uitwerking
Maak eerst bovenstaande oefening en lees daarna pas mijn feedback...
1. Inzicht in sterke en zwakke punten
Was je in staat om objectief te identificeren wat goed ging en wat niet? Werden specifieke situaties en gedragingen helder omschreven?
Bijvoorbeeld: ik merkte dat ik goed luisterde naar de zorgen van de klant en daardoor vertrouwen opbouwde. Bij het uitleggen van een complex financieel product leek de klant verward. Dit kan aangeven dat mijn uitleg niet helder genoeg was.
2. Analyse van de Roos van Leary
Heb je jouw positie op de Roos van Leary nauwkeurig geïdentificeerd? Werd de gekozen positie in verband gebracht met het verloop van het gesprek?
Bijvoorbeeld: tijdens het gesprek nam ik een boven-samen positie in door de klant actief te leiden en tegelijkertijd samenwerking te stimuleren. Dit zorgde voor een goede dynamiek waarin de klant zich betrokken voelde.
3. Effectiviteit van de gekozen positie
Werd de effectiviteit van de communicatiestijl kritisch geëvalueerd? Heb je erkend of de gekozen positie al dan niet tot het gewenste resultaat leidde?
Bijvoorbeeld: hoewel ik probeerde de leiding te nemen merkte ik dat de klant zich wat terugtrok. Misschien had ik een meer ondersteunende rol moeten aannemen om de klant op z’n gemak te stellen.
4. Reflectie op het resultaat
Was de reflectie op het resultaat van het gesprek realistisch? Werd er nagedacht over de impact van het eigen gedrag op de klant en het uiteindelijke resultaat?
Bijvoorbeeld: het gesprek eindigde met een besluit maar ik voelde dat de klant niet volledig overtuigd was. Dit laat zien dat mijn aanpak niet helemaal effectief was.
5. Vooruitdenken en verbetering
Heb je nagedacht over een alternatieve aanpak? Werd er een duidelijke strategie voor verbetering geformuleerd?
Bijvoorbeeld: in de toekomst zou ik een onder-samen positie proberen waarbij ik de klant meer ruimte geef om zijn eigen inzichten te delen zodat we samen tot een beslissing kunnen komen.
De uitwerking van deze reflectie-opdracht biedt jou een waardevolle kans om bewust te worden van je eigen gedragspatronen en communicatiestijlen in de omgang met klanten. Dit zelfinzicht is essentieel voor het verder ontwikkelen van effectieve klantrelaties en het bijdragen aan meer financiële vitaliteit voor jouw klanten.
