In de praktijk | Financiële psychologie in financiële dienstverlening

Intelligentie in geldzaken is deels aangeleerd, deels aangeboren

Intelligentie omvat aangeboren en aangeleerde cognitieve vaardigheden. Zowel IQ als EQ beïnvloeden leren, redeneren en financiële besluitvorming zoals je zult zien in deze klantcase.

Intelligentie is voor een deel aangeboren en deels aangeleerd. Genetische aanleg legt de basis voor intelligentie. Omgevingsfactoren zoals onderwijs, voeding en stimulatie spelen een belangrijke rol in de vraag of de intellectuele ontwikkeling van mensen tot bloei komt.

Intelligentie wordt vaak omschreven als het vermogen om te leren, problemen op te lossen, te redeneren en informatie te verwerken.  De beroemde psycholoog Alfred Binet introduceerde aan het begin van de 20e eeuw de eerste intelligentietest. Dit is de voorloper van onze huidige IQ-test.

Intelligentiequotiënt (IQ)

Een intelligentietest is ontworpen om een breed scala aan cognitieve vaardigheden te meten en resulteert in een score die bekend staat als het Intelligentiequotiënt (IQ). Een dergelijke test bestaat uit verschillende onderdelen die verbale, numerieke, logische en ruimtelijke intelligentie evalueren.

Het IQ wordt berekend door de scores op deze categorieën te vergelijken met een normgroep, waarbij 100 punten het gemiddelde aangeven. Een score boven of onder dit gemiddelde geeft respectievelijk een hogere of lagere intelligentie aan dan gemiddeld.

Het is belangrijk om te onthouden dat een IQ-score een momentopname is en kan variëren afhankelijk van verschillende factoren zoals de testomstandigheden en de mentale toestand van de persoon op dat moment. Bovendien is intelligentie een complex en multidimensionaal concept dat niet volledig kan worden vastgelegd door een enkele numerieke waarde.

Emotionele Intelligentie Quotiënt (EQ)

De emotionele intelligentie quotiënt (EQ) is een maatstaf voor de emotionele vaardigheden van een persoon. Het is een aanvulling op het traditionele IQ en richt zich op aspecten zoals:

  • zelfbewustzijn:  het vermogen om de eigen emoties, sterktes en zwaktes te herkennen
  • zelfregulatie: het vermogen om emoties te beheersen en adequaat te reageren op stressvolle situaties
  • motivatie: de innerlijke drijfveren en doelen van een individu
  • sociale vaardigheden: het effectief communiceren en omgaan met anderen
  • empathie: het vermogen om de emoties van anderen te begrijpen en erop te reageren

In tegenstelling tot IQ dat relatief vaststaat kan EQ ontwikkeld en verbeterd worden door training en oefening. Het verbeteren van EQ kan leiden tot betere persoonlijke relaties, succes in leiderschapsrollen en een algemeen effectiever functioneren in sociale situaties. Het bepalen van EQ gebeurt vaak door middel van vragenlijsten en observaties die gericht zijn op deze emotionele vaardigheden.

Uit de praktijk

De klant begrijpt complexe financiële termen minder goed

Situatie: een verzekeringsadviseur heeft een afspraak met mevrouw Loor, een 45-jarige alleenstaande moeder van twee kinderen. Mevrouw Loor overweegt een levensverzekering af te sluiten om de toekomst van haar kinderen veilig te stellen. De adviseur merkt tijdens het gesprek dat mevrouw Loor moeite heeft met het begrijpen van complexe financiële termen en concepten. Dit kan wijzen op een lager IQ en/of een lager opleidingsniveau.

Adviesgesprek: de adviseur begint het gesprek door een vertrouwensband op te bouwen met mevrouw Loor. Hij stelt eenvoudige en duidelijke vragen om haar situatie en zorgen beter te begrijpen. Mevrouw Loor deelt dat ze zich zorgen maakt over de financiële stabiliteit van haar kinderen als haar iets zou overkomen. De adviseur luistert aandachtig en toont begrip voor haar gevoelens.

Aanpak: om mevrouw Loor goed te kunnen adviseren past de adviseur zijn communicatie aan. Hij gebruikt eenvoudige taal en vermijdt vaktaal. Hij legt de voordelen van een levensverzekering uit met behulp van praktische voorbeelden die aansluiten bij de dagelijkse realiteit van mevrouw Loor. Hij vertelt bijvoorbeeld hoe de verzekering kan helpen om de kosten van de opvoeding en opleiding van haar kinderen te dekken als zij er onverhoopt niet meer zou zijn.

De adviseur maakt gebruik van visuele hulpmiddelen. Bijvoorbeeld grafieken en schema's. Zo maakt hij de informatie duidelijker. De adviseur neemt de tijd om elke stap van het proces uit te leggen en moedigt mevrouw Loor aan om vragen te stellen als iets niet duidelijk is. Hij benadrukt dat er geen domme vragen zijn en dat het belangrijk is dat zij alles goed begrijpt voordat ze een beslissing neemt.

Conclusie: door zijn aanpak aan te passen aan de behoeften van mevrouw Loor kan de adviseur haar beter ondersteunen. Hij helpt haar begrijpen hoe de levensverzekering werkt en hoe deze kan bijdragen aan de financiële zekerheid van haar kinderen. Deze benadering van de adviseur toont aan dat het belangrijk is om de klant centraal te stellen en te benaderen op een persoonlijke wijze die past bij het IQ en EQ van de klant.